Eiwitten leveren aminozuren die je lichaam gebruikt voor de opbouw en het onderhoud van weefsels, waaronder spieren. Krachttraining en voldoende eiwit ondersteunen samen spiergroei.
Hoeveel eiwit heb je nodig voor spieropbouw?
De behoefte hangt onder andere af van je trainingsbelasting, doel, leeftijd en totale voeding.
Voor veel gezonde volwassenen die gericht krachttrainen is ongeveer 1,6 gram per kilogram lichaamsgewicht per dageen bruikbaar startpunt. Een praktische bandbreedte is vaak 1,6–2,0 gram.
In sportvoedingsliteratuur wordt ook 1,6–2,2 gram genoemd. Dat betekent niet dat iedereen de bovengrens nodig heeft. Een grote meta-analyse vond gemiddeld geen verdere toename van vetvrije massa door extra eiwit boven ongeveer 1,6 gram per kilogram per dag. Dat is een groepsgemiddelde, geen exacte individuele grens.
| Lichaamsgewicht |
1,6 g eiwit per kg |
2,0 g eiwit per kg |
| 60 kg |
96 g |
120 g |
| 70 kg |
112 g |
140 g |
| 85 kg |
136 g |
170 g |
| 100 kg |
160 g |
200 g |
Deze tabel geeft rekenvoorbeelden voor gezonde volwassenen. Bij sterk overgewicht is rekenen met het volledige lichaamsgewicht niet altijd passend. Bij nierziekten of een medisch dieet laat je de hoeveelheid afstemmen met je behandelaar of diëtist.
Welke eiwitbronnen kun je kiezen?
Wissel af tussen bijvoorbeeld:
- Kwark, yoghurt, melk en andere passende zuivelproducten.
- Eieren.
- Vis en kip.
- Tofu, tempeh en peulvruchten.
- Ongezouten noten en zaden als aanvullende bronnen.
Rundvlees kan eveneens eiwit leveren, maar hoeft geen dagelijkse basis te zijn. Afwisseling met plantaardige bronnen is een praktische manier om je voeding gevarieerd te houden.
Bij plantaardig eten zijn voldoende totale voeding, eiwit en variatie belangrijk. Je hoeft daarvoor niet bij iedere maaltijd een perfecte combinatie van producten te maken.
Hoe verdeel je eiwit over de dag?
Verdeel je eiwit bijvoorbeeld over drie tot vijf eetmomenten. Ongeveer 25–40 gram per hoofdmaaltijd kan praktisch zijn, afhankelijk van je lichaamsgewicht en dagtotaal.
Voor iemand van 70 kilogram kan vier keer ongeveer 28 gram bijvoorbeeld uitkomen op 112 gram per dag.
Dat is een verdeelvoorbeeld, geen verplichte maaltijdstructuur. Ook is 40 gram geen harde grens aan wat je lichaam kan opnemen.